Vandaag, 24 september = 4 tisjri
Vasten van Gedalia

Deze dag is de vierde van ‘de tien geduchte dagen’. Een speciale: op deze dag denken Joden aan de trieste geschiedenis van Gedalia. Het is een van de vastendagen die te maken hebben met de verovering en verwoesting van Jeruzalem door de Babyloniërs.
Vandaag iets over deze en andere vastendagen:

  • De vastendag van Gedalia
  • De diverse vastendagen
  • Twee vragen om over na te denken
  • Extra: Lessen naar aanleiding van Jeremia 42

Gedalia

Het vasten van Gedalia valt normaliter op de derde dag van tisjri, maar als dat een sabbat is (zoals dit jaar), wordt het verschoven naar 4 tisjri.

Op deze dag treurt men om de moord op Gedalia. Nebukadnezar stelde, toen hij het grootste deel van de Joden naar Babel deporteerde, Gedalia aan als gouverneur over de achterblijvers. Gedalia wilde onder­werping aan Babel. Dat was ook wat de profeet Jeremia predikte. Maar anderen wilden daar niets van weten. Een van hen was ene Ismaël, zoon van Nethanja; hij vermoordde Gedalia. Dat leidde ertoe dat de Joden die nog achtergebleven waren in het land alsnog weg wilden: ze vluchtten naar Egypte, uit vrees voor de wraak van Nebukadnezar.

De geschiedenis staat kort beschreven in 2 Koningen 25:

22 Maar over het volk dat in het land van Juda overgebleven was, dat Nebukadnezar, de koning van Babel, had laten overblijven – daarover stelde hij Gedalia aan, de zoon van Ahikam, de zoon van Safan.
23 Toen nu al de legerbevelhebbers, zij en hun mannen, hoorden dat de koning van Babel Gedalia aangesteld had, kwamen zij naar Gedalia in Mizpa toe, namelijk Ismaël, de zoon van Nethanja, Johanan, de zoon van Kareah, Seraja, de zoon van Tanhumeth uit Netofa, en Jaäzanja, de zoon van iemand uit Maächa, zij en hun mannen. 24 Gedalia zwoer hun en hun mannen, en zei tegen hen: Wees niet bevreesd voor de dienaren van de Chaldeeën. Blijf in het land en dien de koning van Babel, dan zal het u goed gaan.
25 Het gebeurde echter in de zevende maand dat Ismaël, de zoon van Nethanja, de zoon van Elisama, iemand van koninklijken bloede, kwam, en tien mannen met hem. Zij sloegen Gedalia neer, zodat hij stierf, evenals de Judeeërs en de Chaldeeën die bij hem in Mizpa waren.
26 Toen maakte heel het volk zich gereed, van de kleinste tot de grootste, en de bevelhebbers van het leger, en zij gingen naar Egypte, want zij waren bevreesd voor de Chaldeeën.

Veel uitgebreider is het gebeuren verteld in Jeremia 40 en 41. De profeet Jeremia heeft het allemaal van heel nabij meegemaakt. Het is wellicht een voor ons niet zo bekende geschiedenis. Daar kunnen we dan op deze dag wat aan doen… Lees Jeremia 40 tot en met 44!

Vastendagen

Er zijn meer vastendagen die verbonden zijn met dingen die gebeurden rond de verwoesting van Jeruzalem in 586 voor Chr.

De belangrijkste is Tisja Beav (de 9e av, in juli/augustus), waarop de verwoesting van de eerste tempel wordt herdacht (in 586 voor Chr.) – maar ook de verwoesting van de tweede tempel, door de Romeinen, in 70 na Chr., op dezelfde datum in het Joodse jaar. Precies op die datum in het (Joodse) jaar zijn er nog veel meer rampen gebeurd. In 1492 werd op die datum in Spanje het edict uitgevaardigd waarmee alle Joden verdreven werden. Op Tisja Beav wordt het boek Klaagliederen gelezen.

Er zijn zo nog twee andere vastendagen. Die krijgen minder aandacht. Het zijn: 10 tevet (waarop het beleg van Jeruzalem door de Babyloniërs wordt herdacht) en 17 tammoez (de datum waarop een bres werd geslagen in de muren van Jeruzalem). Op 17 tammoez begint een treurperiode die duurt tot Tisja Beav; in deze drie weken worden geen feesten gehouden.

In Zacharia 8:19 wordt gesproken over de vastendagen in de vierde, vijfde, zevende en tiende maand (dat zijn tammoez, av, tisjri en tevet):

Het vasten in de vierde, het vasten in de vijfde,
het vasten in de zevende, het vasten in de tiende maand,
zal voor het huis van Juda worden tot vreugde,
tot blijdschap en tot vreugdevolle feestdagen.
Heb dan de waarheid en de vrede lief!

In Zacharia 7 ging het ook al over de vastendagen, met name de 9e av. In Judea werd tijdens de ballingschap, door de achterblijvers, gevast – maar moeten de terugkerende ballingen dat ook doen? Zacharia vraagt: voor wie deden jullie het? Vasten zonder bekering heeft geen waarde.

 

Terzijde: Een verhaal apart is natuurlijk het vasten op Jom Kipoer – het enige vasten dat in de Bijbel nadrukkelijk geboden is; daar komen we nog op.
Er zijn ook nog twee andere vastendagen, met een andere achtergrond: Taäniet Bechoriem (aan de vooravond van Pesach, vanwege de dood van de eerstgeborenen van Egypte) en Taäniet Esther (aan de vooravond van Poeriem, vanwege Esther 4:16).

 

Om over na te denken
  • Wat zegt het je dat er zo veel vastendagen zijn die gaan over wat er in 586 voor Chr. gebeurde?(De verwoesting van Jeruzalem en de eerste tempel; de wegvoering in Babylonische ballingschap)
  • Zijn er voor jou dingen die aanleiding (kunnen) zijn om te vasten?

 

Lessen naar aanleiding van Jeremia 42

Bijzondere lessen – juist voor deze dagen – zijn te leren uit Jeremia 42. Daar wordt verteld dat de leiders van de overgeblevenen bij Jeremia komen. Ze vragen hem om aan God te vragen wat ze moeten doen: naar Egypte, of in het land blijven? Jeremia bidt dan en krijgt na tien dagen antwoord. Volgens de Joodse traditie was dat op Grote Verzoendag (Gedalia zou namelijk – N.B.! – op Rosj Hasjana vermoord zijn, maar op die dag mag je niet vasten). Het antwoord was: ‘Blijf in dit land!’ Maar dat zint de leiders niet en ze gaan toch naar Egypte, waar het slecht met hen afloopt – en ook met Jeremia, die gedwongen werd om mee te gaan.

Hieruit zijn lessen te leren:

  1. Het Joodse volk was op een dieptepunt in zijn geschiedenis gekomen. De tempel was verwoest, de meeste Joden waren weggevoerd in ballingschap – alles leek hopeloos. Maar God liet de rechtvaardige Gedalia stadhouder worden. Ook die werd echter vermoord. Toen moest Gods geduld wel helemaal op zijn. Op dát moment bad Jeremia – gedurende ‘de tien geduchte dagen’. En ondanks alles luisterde God en gaf Hij antwoord! Les #1: Hoe ver je ook afgedwaald bent – als je je wendt tot God, zal Hij je horen!
  2. De Joodse leiders kregen niet het antwoord dat zij kennelijk verwachtten en wilden. En daarom legden zij dat naast zich neer! Ze leken wel te willen horen en gehoorzamen, maar toen puntje bij paaltje kwam, deden ze toch gewoon wat hunzelf het beste leek. Les #2: Als je je wendt tot God, dan moet dat wel echt zijn: echte ommekeer, bekering. Dan zul je zelf ook moeten luisteren!