Religieuze Joden tellen nu de dagen, vanaf Pesach tot Sjavoe’ot (het Wekenfeest). Ze doen dat heel nadrukkelijk, na het avondgebed (want dan begint voor hen een nieuwe dag). Zo zeggen ze bv. op de 33e dag: “Vandaag is het 33 dagen, dat is 4 weken en 5 dagen van de Omer.”

Met “Omer” is dan bedoeld de garve of schoof, die als eersteling werd gegeven aan de Here. Het ging daarbij om gerst, het eerste gewas dat geoogst wordt. In Leviticus 23:10-14 wordt beschreven hoe dat moest gebeuren. Nu de tempel er niet meer is, kan het niet meer zo uitgevoerd worden.

Volgens de rabbijnse interpretatie moest het plaatsvinden op de 16e nisan. Er staat namelijk: “op de dag na de sabbat” (vs. 11, 15). De rabbijnen betrokken “de sabbat” op de 15e nisan – dat was de eerste dag van Pesach, en als zodanig een rustdag, “sabbat”.

Leviticus 23 vs. 15-16: “U moet dan vanaf de dag na de sabbat gaan tellen, vanaf de dag dat u de schoof van het beweegoffer gebracht hebt. Zeven volle weken zullen het zijn. Tot de dag na de zevende sabbat moet u vijftig dagen tellen. Dan moet u de HEERE een nieuw graanoffer aanbieden.”

Met de telling worden Pesach en Sjavoe’ot hecht aan elkaar verbonden. Die twee moet je niet los van elkaar zien. Pesach is het feest van de bevrijding uit de slavernij van Egypte. Maar wat zou die bevrijding betekenen zonder Sjavoe’ot – het feest van de verbondssluiting en wetgeving bij de Sinaï? De ware vrijheid kan niet leeg zijn; dan springen binnen de kortste keren andere heren of machten in het vacuüm, en raak je alleen maar verder van huis. Pesach zonder Sjavoe’ot is een slag in de lucht. En Sjavoe’ot zonder Pesach – dan mis je de geweldige inzet en de setting van de vrijheid, die zo wezenlijk is voor het leven in verbondenheid met de Here. Er waren nog 7×7 dagen nodig voor het volk klaar was voor de volgende, zo belangrijke stap.

Als christenen hebben wij, in de lijn van Pesach en Sjavoe’ot, ons Paas- en Pinksterfeest (“Pinkste­ren” komt van pentakostè = “de vijftigste”!). Op Paasfeest denken we aan hoe Jezus opstond als de Eerste­ling uit de doden, en bevrijding bracht van zonde en dood. Maar dat roept nog om Pinkste­ren, om de komst van de Geest die mensen tot een voluit nieuw leven brengt. Pinksteren als Pasen in werking. Na nog die speciale tijd van de nodige voorbereiding.

Je mag ze niet van elkaar losmaken. Daarom: het is een goede gedachte om in deze 50-dagen-tijd de dagen bewust te tellen en elke dag aandacht te geven aan de bijzondere ketting tussen Pasen en Pink­steren!

ds. Aart Brons