De schoonvader van Moshe, Jitro, bekritiseert de manier waarop Moshe de geschillen tussen de Israëlieten beslecht…

Zaterdag 6 februari 2021 – Jitro

Parasja (Thoralezing): Exodus 18:1-20:23
Haftara (profetenlezing): Jesaja 6:1-7:6 en Jesaja 9:5

Bijdrage van rabbijn dr. Nathan Lopes Cardozo
De wijsheid van een heiden

“Toen Moshes schoonvader zag wat hij het volk aandeed, zei hij: Wat doe je het volk aan? Waarom zit je alleen, terwijl alle mensen voor je staan van ‘s morgens tot ‘s avonds?”
(Shemot 18:14/Exodus 18:14)

De schoonvader van Moshe, Jitro, bekritiseert de manier waarop Moshe de geschillen tussen de Israëlieten beslecht. Jitro stelt voor dat Moshe het bestaande rechtssysteem hervormt, zodat alleen de grote problemen onder zijn persoonlijke aandacht worden gebracht. Kleine geschillen kunnen dan worden beslecht door een groot aantal wijze mensen die Moshe bijstaan. Moshe luisterde naar het advies van zijn schoonvader en deed alles wat hij zei.
Rabbijn Samson Rafaël Hirsch (1808-1888), een van de grote Joodse leiders en denkers van de moderne tijd, stelt bij dit gedeelte een eenvoudige vraag: Had Moshe dit niet zelf kunnen bepalen? Realiseerde hij zich niet dat hij zichzelf uitputte en dat het niet lang meer zou duren voordat hij de situatie niet meer aankon? En waarom heeft Moshe, die een grote wijsheid bezat, niet zelf aan de oplossing van Jitro gedacht?

Voordat we het antwoord van rabbijn Hirsch bestuderen, wil ik nog een vraag stellen. We lezen dat aan het eind van Moshes leven ‘zijn ogen niet waren verduisterd en zijn kracht onverminderd aanwezig was’ (Deuteronomium 34:7). Zijn fysieke uithoudingsvermogen was bovengemiddeld. Het zou daarom niet vreemd zijn geweest als we hadden gelezen dat Moshe tegen zijn schoonvader had gezegd dat hij zich geen zorgen moest maken, omdat hij geen last had van vermoeidheid. We lezen echter niets dat in deze richting wijst. In plaats daarvan lijkt Moshe gretig om Jitro’s suggestie uit te voeren. We kunnen daarom concluderen dat hij zich inderdaad extreem moe voelde!
De vraag is daarom: Waarom voelde Moshe zich opeens moe? Zou de man die veertig dagen zonder voedsel en water op de top van de Sinaï zat, niet van ‘s morgens vroeg tot ‘s avonds laat hebben kunnen werken? Waarom ontnam G’d hem plotseling zijn ongekende, uithoudingsvermogen? Wat waren G’ds motieven om Moshe plotseling moe te laten worden?

We kijken nu naar de observatie van rabbijn Hirsch. Volgens hem had Moshe weinig organisatietalent. Hij moest de eerste beginselen van de organisatiekunde van zijn schoonvader leren. Het ontbrak Moshe, ondanks zijn onmetelijke talenten en capaciteiten, aan deze basisinzichten.
G’d gaf Moshe dit gebrek, zo vervolgt rabbijn Hirsch, om latere generaties duidelijk te maken dat Moshe niet de wetgever was en dat de wetten van de Thora daarom ook niet het resultaat waren van zijn superieure geest.

Ik wil een tweede reden voorstellen waarom G’d Moshe in dit geval zijn gebruikelijke uithoudingsvermogen ontzegt. G’d wil een niet-Jood naar voren laten komen om Moshe advies te geven!
De kabbalistische rabbijn Chaim Ibn Attar, bekend als Or Ha-Chaim (1696-1743), zinspeelt hier ook op. Hij schrijft dat G’d Jitro het kamp van de Israëlieten liet bezoeken om het Joodse volk te leren dat de Thora weliswaar de allesomvattende opslagplaats van wijsheid is, maar dat heidenen, hoewel ze niet verplicht zijn om alle wetten ervan na te leven, van fundamenteel belang zijn voor het succes en de toepassing ervan. Er zijn gebieden waarin Joden niet uitblinken en waarin niet-Joden veel begaafder zijn. Een van die gebieden lijkt de gerechtelijke administratie te zijn.

Het Jodendom is nooit bang geweest om toe te geven dat de niet-Joodse wereld veel wijsheid en inzicht bevat. Hoewel de Joden een aparte natie vormen, sluit dit niet uit dat zij over hun eigen grenzen heen moeten kijken en moeten profiteren van de wijsheid van buitenstaanders. Het is deze les die G’d, kort nadat Hij de Israëlieten uit de handen van de Egyptenaren had bevrijd, wilde leren.
Door hun ervaringen in Egypte had het Joodse volk zoveel vijandschap ontwikkeld voor alles wat heidens is, dat zij ervan overtuigd waren dat de hele mensheid antisemitisch was. G’d corrigeerde die gedachte onmiddellijk door een rechtvaardige heiden met de naam Jitro naar hen toe te sturen. Dit om het Joodse volk ervan te overtuigen dat er niet-Joodse mensen zijn die niet alleen veel wijsheid bezitten, maar ook daadwerkelijk van het volk Israël houden en bijdragen aan het Joodse leven.

G’ds besluit om Moshe zijn gebruikelijke kracht te ontzeggen, is zeer leerzaam. Joden kunnen beginnen te geloven dat ze zelfvoorzienend zijn en het helemaal alleen kunnen rooien. Deze houding, die geworteld is in de overtuiging dat alle heidenen antisemitisch zijn, zou niet alleen kunnen leiden tot een totaal isolement, maar ook tot Joodse arrogantie die tegen de wil van G’d ingaat. Door Moshe uit te laten putten, zorgt G’d ervoor dat hij de wijsheid van iemand anders nodig heeft. Deze keer een niet-Jood. Deze ervaring houdt Moshe nederig.
Door Jitro aan te wijzen als de schoonvader van de heiligste Jood aller tijden, maakt G’d tenslotte glashelder dat Hij geen enkele vorm van racisme tolereert en dat een rechtvaardige heiden tot de hoogste rangen van heiligheid kan opklimmen. Pas nadat deze boodschap door G’d is duidelijk gemaakt, zijn de Joden klaar om het toegezegde land binnen te gaan en hun leven als een onafhankelijke natie te beginnen.

Foto: David Cardozo Academy

Rabbijn dr. Nathan Lopes Cardozo

Rabbijn Lopes Cardozo (1946) is geboren in Amsterdam. Hij studeerde aan verschillende universiteiten en ultraorthodoxe Talmoedscholen. Lopes Cardozo geldt als een van de belangrijkste denkers binnen het hedendaagse orthodoxe Jodendom en is oprichter van de David Cardozo Academy. Rabbijn Lopes Cardozo schreef tal van boeken. De uitleg bij de parasja van de week is een samenvatting en vertaling van een bijdrage uit zijn nieuwste boek: “Cardozo on the Parashah. Shemot/Exodus: Essays on the Weekly Torah Portion” (2020). Rabbijn Lopes Cardozo woont in Israël.

 

Om verder over na te denken (bijdrage CIS)

  1. Mozes hing een ‘burn-out’ boven het hoofd. Welke les kunnen mensen met een overvolle agenda trekken uit deze geschiedenis?
  2. Een les die rabbijn Lopes Cardozo in zijn bijdrage meegeeft, is dat we bereid moeten zijn om te leren van andersdenkenden. Wie zijn uw belangrijkste adviseurs? Hoeveel waarde hecht u aan adviezen van andersdenkenden?
  3. Rabbijn Lopes Cardozo schrijft deze bijdrage als rabbijn die in Israël woont. Waarom zou hij zo veel nadruk leggen op de erkenning dat niet-Joden ook rechtvaardigen en goede adviseurs kunnen zijn?
  4. God accepteert geen enkele vorm van racisme, zo stelt rabbijn Lopes Cardozo. In hoeverre geeft de kerkgeschiedenis er blijk van dat dit gegeven ook tot christenen is doorgedrongen?
  5. Wijdverspreid antisemitisme maakt dat het Joodse volk argwanend staat tegenover niet-Joden (heidenen). Wat kunt u eraan doen om het Joodse volk duidelijk te maken dat er heidenen zijn die van Joden houden?
Leesrooster voor deze week

Zaterdag 6 februari  –  Exodus 18:1-12
Zondag 7 februari  –  Exodus 18:13-20
Maandag 8 februari  –  Exodus 18:21-19:2
Dinsdag 9 februari  –  Exodus 19:3-14
Woensdag 10 februari  –  Exodus 19:15-25
Donderdag 11 februari  –  Exodus 20:1-11
Vrijdag 12 februari  –  Exodus 20:12-23